Hoe verloopt een ontslagprocedure (ontbindingsprocedure) bij de kantonrechter?

Een ontslagprocedure bij de kantonrechter, ook wel ontbindingsprocedure genoemd, verloopt in feite in twee fasen: een schriftelijk fase gevolgd door een mondelinge fase. Deze procedure, ook wel de ontbindingsprocedure genoemd, is samen met de ontslagprocedure bij het UWV de belangrijkste procedure binnen het ontslagrecht.

Schriftelijke fase van de ontslagprocedure

De ontslagprocedure bij de kantonrechter begint met het indienen van een ontslagaanvraag, het zogenaamde ontbindingsverzoek. Dit verzoekschrift is een schriftelijk stuk, vaak voorzien van een aantal bijlagen. Het verzoekschrift wordt over het algemeen ingediend door de werkgever, maar ook een werknemer kan besluiten om een ontslagverzoek in te dienen.

De rechtbank zal het verzoekschrift binnen enkele dagen doorsturen aan de tegenpartij (meestal de werknemer) met het verzoek aan deze partij om door middel van een verweerschrift te reageren. In het algemeen krijgt de verwerende partij hier enkele weken de tijd voor.

Een werknemer zal meestal in het verweerschrift aangeven dat hij het niet eens is met de aangevoerde ontslaggrond(en). Meestal verzoekt de werknemer de kantonrechter om het verzoekschrift van de werkgever af te wijzen. Voor het geval de rechter het verzoek toewijst, wordt door de werknemer vaak om een transitievergoeding en een billijke vergoeding gevraagd.

Het verzoekschrift en het verweerschrift worden meestal opgesteld door de juridisch adviseur van de werkgever respectievelijk de werknemer. Hoewel geen van beide partijen verplicht is om zich tijdens deze ontslagprocedure door een advocaat of andere juridisch adviseur te laten bijstaan, is dit wel gebruikelijk.

Heb je ondersteuning nodig in een ontslagzaak, of heb je gewoon vragen over een ontslagprocedure?

Neem dan contact op met een van onze ontslagspecialisten. Wij zijn bereikbaar op het telefoonnummer 0900 – 10 10 123 (50 cpm) of per mail via info@ontslag.nl.

Mondelinge fase van de ontslagprocedure

Ongeveer vier tot zes weken nadat het verzoekschrift tot ontbinding is ingediend, zal de rechtbank een zitting (mondelinge behandeling) bepalen. Dit betekent dat beide partijen, vaak vergezeld van hun juridische adviseurs, bij de kantonrechter moeten komen. Beide partijen krijgen dan de gelegenheid om hun standpunten nog eens mondeling toe te lichten en te reageren op de argumenten van de andere partij.

Hoewel elke kantonrechter zelf het verloop van deze mondelinge behandeling bepaalt, ziet dit verloop er vaak als volgt uit.

Eerst krijgt de juridische adviseur van de verzoekende partij (meestal de werkgever) het woord en mag hij of zij het verzoekschrift toelichten en reageren op het verweerschrift van de werknemer. Het komt regelmatig voor dat deze adviseur een zogenaamde pleitnota heeft opgesteld die door hem of haar wordt voorgedragen. Daarna is het woord aan de juridische adviseur van de verwerende partij (meestal de werknemer). Ook die zal proberen zijn of haar eigen argumenten nog eens te benadrukken en de kantonrechter te overtuigen van het gelijk van de werknemer.

Nadat beide juridische adviseurs het woord hebben gehad, zal de kantonrechter vaak nog een aantal vragen hebben. De rechter kan deze vragen ook rechtstreeks aan de werkgever of de werknemer stellen.

Rechter stuurt partijen de gang op

Het komt regelmatig voor dat de kantonrechter beide partijen vervolgens letterlijk de gang op stuurt en hen de opdracht meegeeft om toch vooral te proberen tot een schikking te komen. De rechter zal in dat geval meestal wel aangeven hoe hij of zij tegen de zaak aankijkt. Als partijen het op de gang eens worden, dan wordt de rechter vervolgens geïnformeerd dat hij geen uitspraak meer hoeft te doen en dat de zaak daarmee afgewikkeld is. Komen partijen op de gang niet tot een vergelijk, dan wordt de zitting meestal voortgezet.

De uitspraak van de rechter (beschikking)

De rechter zal na enkele slotvragen de zitting meestal sluiten. Het is gebruikelijk dat de werknemer daarbij nog het laatste woord krijgt. Vervolgens zal de rechter aangeven dat hij over enkele weken een schriftelijke uitspraak zal doen. Deze uitspraak, officieel beschikking genoemd, wordt door de rechtbank aan de juridische adviseurs van beide partijen gestuurd.

In deze beschikking staat dan vermeld of de arbeidsovereenkomst ontbonden wordt en zo ja, per wanneer. Ook zal uit deze beschikking blijken of de werknemer recht heeft op een transitievergoeding en mogelijk ook een billijke vergoeding.

Hoger beroep tegen ontslagbeschikking

Tegen de beslissing van de rechter kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof. Het gerechtshof kan dan besluiten om de beslissing van de kantonrechter  in stand te laten of om de werknemer (alsnog) een vergoeding toe te kennen. Als de kantonrechter de arbeidsovereenkomst ontbonden heeft, kan het gerechtshof ook besluiten om de arbeidsovereenkomst te herstellen.

Waardeer deze site:
Klant waardering
0 1019 waarderingen, gemiddeld: 7.6 /10

Up to date blijven?

Blijf op de hoogte van het laatste ontslagnieuws

 

Ontvang maandelijks een update van de belangrijkste uitspraken en ontwikkelingen op het gebied van arbeidsrecht en ontslag.

 

Meld je hier aan

 

Up to date blijven?

Blijf op de hoogte van het laatste ontslagnieuws

 

Ontvang maandelijks een update van de belangrijkste uitspraken en ontwikkelingen op het gebied van arbeidsrecht en ontslag.

 

Meld je hier aan

 

Lees verder