Heb ik na mijn ontslag recht op een WW-uitkering?

Ja, in de meeste gevallen heb je recht op een WW-uitkering na je ontslag. Je moet uiteraard wel aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet o.a. het initiatief voor het ontslag bij je werkgever liggen en mag je niet op staande voet ontslagen zijn.

 

Verder moet je voldoen aan de wekeneis en moet je beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt. Als je ziek uit dienst gaat, kun je dus geen beroep op de WW doen.

Dit moet je weten over de WW-uitkering:

Wanneer heb ik recht op een WW-uitkering?

De belangrijkste voorwaarden om in aanmerking te komen voor een WW-uitkering zijn:

 

  • Je moet werkloos zijn.
  • Je moet voldoen aan de wekeneis.
  • Je mag niet verwijtbaar werkloos zijn.

 

Je bent volgens de WW pas werkloos als je per week minimaal 5 of minimaal de helft van je arbeidsuren verliest. Verder moet je bereid en in staat zijn om ergens anders aan de slag te gaan én moet er rekening gehouden zijn met opzegtermijn bij jouw ontslag. Die opzegtermijn wordt in de WW ook wel de fictieve opzegtermijn genoemd.

 

De tweede voorwaarde gaat over de zogenaamde wekeneis. Dit houdt in dat je in de 36 weken voorafgaand aan je ontslag minimaal 26 weken gewerkt moet hebben. Een week telt al mee als je in die week minimaal 1 uur gewerkt hebt. Als je dus niet voldoet aan deze wekeneis ontvang je geen WW-uitkering. Je komt dan mogelijk in aanmerking voor een bijstandsuitkering.

 

Tot slot mag je ook niet verwijtbaar werkloos zijn. Je bent verwijtbaar werkloos als je op staande voet ontslagen bent of als de arbeidsovereenkomst op jouw eigen verzoek beëindigd is (tenzij daar weer een hele goede reden voor was).

 

Als je voldoet aan deze voorwaarden heb je in principe recht op een WW-uitkering voor de duur van minimaal 3 en maximaal 24 maanden.

Voorbeeld WW-uitkering en fictieve opzegtermijn

Frederik de Groot ondertekent op 10 september een vaststellingsovereenkomst die door zijn werkgever aan hem is voorgelegd. Hoewel er in de arbeidsovereenkomst een wederzijdse opzegtermijn van 1 maand is overeengekomen, staat in de vaststellingsovereenkomst dat de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden al eindigt per 1 oktober. Er wordt dus geen rekening gehouden met de opzegtermijn.

 

Als Frederik zich kort voor 1 oktober bij het UWV meldt, krijgt hij te horen dat hij nog tot 1 november zal moeten wachten voordat hij een WW-uitkering ontvangt. Het UWV gaat uit van de fictie dat de werkgever het loon van Frederik gedurende de opzegtermijn (in dit geval is dat de maand oktober) doorbetaalt. Let op: dit is niet daadwerkelijk het geval, daarom wordt ook wel gesproken van een fictieve opzegtermijn. Frederik had in feite nooit akkoord moeten gaan met een ontslagdatum per 1 oktober.

Hoe hoog is mijn WW-uitkering?

De hoogte van je WW-uitkering is 70% van je dagloon. De eerste twee maanden is de WW-uitkering 75% van je dagloon.

 

Je dagloon kun je berekenen door je jaarloon te delen door 261. Als je een bruto jaarloon (inclusief vakantietoeslag, eventuele 13e maand en eventuele bonussen) hebt van bijvoorbeeld € 45.000 bruto, dan bedraagt je dagloon dus € 172,41.

 

Er geldt wel een maximumdagloon. Dit maximumdagloon wordt tweemaal per jaar geïndexeerd en bedraagt per 1 juli 2021 € 225,57. Als jouw inkomen hoger ligt dan dit maximum, dan ontvang je over het meerdere geen (hogere) WW-uitkering.

 

De maximale WW-uitkering bedraagt dus ca. € 3.430 bruto per maand (70% x € 225,57 x 21,75) inclusief vakantietoeslag. Het UWV reserveert deze vakantietoeslag van 8% en keert deze in de maand mei uit. Zonder deze vakantietoeslag bedraagt de maximale WW-uitkering dus ca. € 3.175 bruto per maand.

Met onze WW-rekentool kun je snel uitrekenen wat de hoogte en duur van jouw WW-uitkering is.

Wat is de duur van mijn WW-uitkering?

De minimale duur van de WW-uitkering is 3 maanden. Als je voldoet aan de zogenaamde jareneis, dan heb je recht op een langere WW-uitkering. De exacte duur van de uitkering is afhankelijk van je arbeidsverleden en bedraagt maximaal 24 maanden.

 

De jareneis, ook wel de 4-uit-5-eis genoemd, houdt in dat je in de 5 kalenderjaren voorafgaand aan het jaar van je ontslag, gedurende minimaal 4 jaar gewerkt moet hebben.

 

Ieder jaar aan arbeidsverleden levert in principe 1 maand WW-uitkering op. Dat wil zeggen dat een werknemer met een arbeidsverleden van 7 jaar in principe recht heeft op een WW-uitkering voor de duur van 7 maanden. Maar ieder jaar aan arbeidsverleden boven de 10 jaar levert slechts ½ maand aan WW-uitkering op.

 

Het berekenen van het juiste arbeidsverleden is nogal omslachtig en bestaat uit twee onderdelen:

 

  • je fictieve arbeidsverleden tot 1998
  • je feitelijke arbeidsverleden

 

Het fictieve arbeidsverleden is het aantal jaren vanaf (en met inbegrip) van het kalenderjaar waarin je 18 jaar bent geworden tot 1998. Je hoeft in deze periode niet echt gewerkt te hebben. Dit fictieve arbeidsverleden wordt vervolgens opgeteld bij je feitelijke arbeidsverleden vanaf 1998. Je totale arbeidsverleden in jaren bepaalt vervolgens gedurende hoeveel maanden je recht hebt op een WW-uitkering.

 

Met onze WW-rekentool kun je snel uitrekenen wat de hoogte en duur van jouw WW-uitkering is.

Voorbeeld jareneis WW

Wendy is op 1 september 2021 werkloos geworden. Zij voldoet aan de 4-uit-5-eis (jareneis) als zij in de jaren 2020, 2019, 2018, 2017 en 2016 minimaal in 4 van deze jaren gewerkt heeft. Een jaar telt mee als er in dat jaar voor minimaal 208 uren aan loon ontvangen is.

Als Wendy niet aan deze jareneis voldoet, dan heeft ze alleen recht op een WW-uitkering voor de duur van 3 maanden (als ze in elk geval aan de wekeneis voldoet). Voldoet Wendy wel aan de jareneis, dan heeft ze recht op een langere WW-uitkering. De exacte duur van haar uitkering is afhankelijk van haar arbeidsverleden maar bedraagt maximaal 24 maanden.

Voorbeeld arbeidsverleden WW

Sven raakt op 1 oktober 2021 werkloos. Sven is geboren in 1985. Hij werkt sinds 2014 onafgebroken bij dezelfde werkgever. Sven voldoet aan de jareneis omdat hij in de 5 kalenderjaren voorafgaand aan 2021 gewerkt heeft. Om de duur van zijn WW-uitkering te kunnen bepalen moeten we zijn arbeidsverleden uitrekenen.

Omdat Sven in 1998 nog geen 18 jaar oud was, heeft hij geen fictief arbeidsverleden opgebouwd. Zijn feitelijke arbeidsverleden bestaat uit de jaren 2014 tot 2021 en bedraagt dus 7 jaar. Sven heeft daarom recht op een WW-uitkering voor de duur van 7 maanden.

Heb ik recht op een WW-uitkering na ondertekenen van mijn vaststellingsovereenkomst?

Laat altijd je vaststellingsovereenkomst controleren door een arbeidsrechtadvocaat. Hij of zij kan je precies vertellen of de VSO wel WW-veilig is opgesteld of dat je bijzondere risico’s loopt bij het aanvragen van een werkloosheidsuitkering. De advocaten van Ontslag.nl helpen je hier graag bij. En goed om te weten: meer dan 1.000 mensen gingen je al voor.

Maarten van Gelderen

Advocaat arbeidsrecht

Veelgestelde vragen over de WW-uitkering:

Ja, in principe wel. Het is wel belangrijk dat uit de vaststellingsovereenkomst blijkt dat het initiatief voor het ontslag bij jouw werkgever ligt en dat jou geen (ernstig) verwijt valt te maken met betrekking tot jouw ontslag. Uiteraard moet je ook aan de andere WW-voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor een uitkering.

Dat is de opzegtermijn die jouw werkgever normaal gesproken in acht had moeten nemen als er geen vaststellingsovereenkomst gesloten zou zijn. Het UWV zal jou pas een WW-uitkering betalen vanaf het moment dat deze termijn verstreken is. Let hier dus goed op bij het aangaan van een vaststellingsovereenkomst.

Je bent verwijtbaar werkloos als je op staande voet ontslagen bent of als je zelf je arbeidsovereenkomst beëindigd hebt (tenzij duidelijk is dat niet meer van je kon worden verwacht bij deze werkgever werkzaam te blijven). In dat geval krijg je geen WW-uitkering.

Nee, dat hoeft niet. Je kunt dus akkoord gaan met een vaststellingsovereenkomst zonder dat je daar je WW-uitkering met in gevaar brengt. Uiteraard moet je wel voldoen aan alle WW-voorwaarden om deze uitkering te kunnen ontvangen.

Een WW-uitkering moet digitaal worden aangevraagd via www.werk.nl met gebruikmaking van een DigiD. Je kunt de uitkering aanvragen vanaf 1 week voor uw laatste werkdag. Vraag de uitkering uiterlijk 1 week na je laatste werkdag aan, anders kun je tijdelijk gekort worden op je uitkering.

Dat kan, maar dan moet er wel een tussentijds opzegbeding in de arbeidsovereenkomst staan. Als dat niet het geval is, dan krijg je pas een WW-uitkering vanaf de oorspronkelijke einddatum van het arbeidscontract.

Ja, in de meeste gevallen kun je ook een WW-uitkering krijgen als je gebruik hebt gemaakt van een vrijwillige vertrekregeling. Omdat deze regeling zijn oorsprong vindt in een bedrijfseconomische reden en/of reorganisatie bij de werkgever, wordt de vrijwillige vertrekregeling niet gezien als een beëindiging van het dienstverband op initiatief van de werknemer zelf.

Ja, maar dat gebeurt automatisch bij het aanvragen van de WW-uitkering.