Wat is belangrijkste verschil tussen een statutair-directeur en een gewone werknemer?

Het belangrijkste verschil is het ontbreken van een preventieve ontslagtoets voor de statutair-directeur.

Een van de belangrijkste pijlers van het Nederlandse ontslagrecht is de preventieve ontslagtoets. Dit houdt kort gezegd in dat een werkgever niet zelfstandig kan besluiten om de arbeidsovereenkomst van een werknemer op te zeggen (behalve bij ontslag in de proeftijd en bij ontslag op staande voet), maar dat er vooraf een toets moet plaatsvinden door het UWV (bij bedrijfseconomisch ontslag) of de kantonrechter (bij persoonlijke ontslaggronden zoals disfunctioneren en/of een verstoorde arbeidsverhouding).

Geen preventieve ontslagtoets voor statutair-directeur

Deze preventieve ontslagtoets geldt dus niet voor de statutair-bestuurder. Dit betekent dat een werkgever (lees: de algemene vergadering van aandeelhouders) de arbeidsovereenkomst van een statutair-bestuurder kan opzeggen zonder bemoeienis van het UWV of de rechter. Dit maakt de arbeidsrechtelijke positie van een statutair-directeur dus kwetsbaar. Er wordt ook wel eens gezegd dat een statutair-bestuurder “vogelvrij” is als het op zijn rechtspositie aankomt. Nu is dat niet helemaal waar want een statutair-bestuurder heeft nog wel de mogelijkheid om een onterecht ontslagbesluit aan te vechten bij de rechter, maar dat kan in zijn geval dus alleen achteraf.

Ontslagregeling in arbeidscontract

Juist vanwege de kwetsbare positie van de statutair-bestuurder is het niet ongebruikelijk dat hij of zij in de arbeidsovereenkomst afspraken heeft laten opnemen die betrekking hebben op een eventueel toekomstig ontslagscenario. Maar ook een statutair-directeur die geen beëindigingsafspraken in zijn arbeidsovereenkomst heeft staan, kan bij een ontslag meestal wel rekenen op een bepaalde vorm van ontslagvergoeding. Als hierover geen overeenstemming kan worden bereikt met de werkgever (aandeelhouders), dan zal de werkgever, net als bij de gewone werknemer, minimaal rekening moeten houden met de betreffende opzegtermijn en uitbetaling van een transitievergoeding. Daarnaast kan een statutair-directeur aanspraak maken op een (veel) hogere ontslagvergoeding als hij of zij kan aantonen dat er in feite geen sprake is van een geldige en overtuigende ontslagreden. In dat geval zou de rechter de werkgever kunnen veroordelen tot betaling van een billijke vergoeding.

Waardeer deze site:
Klant waardering
0 1023 waarderingen, gemiddeld: 7.6 /10

Up to date blijven?

Blijf op de hoogte van het laatste ontslagnieuws

 

Ontvang maandelijks een update van de belangrijkste uitspraken en ontwikkelingen op het gebied van arbeidsrecht en ontslag.

 

Meld je hier aan

 

Up to date blijven?

Blijf op de hoogte van het laatste ontslagnieuws

 

Ontvang maandelijks een update van de belangrijkste uitspraken en ontwikkelingen op het gebied van arbeidsrecht en ontslag.

 

Meld je hier aan

 

Lees verder