Hoe lang duurt de WW-uitkering
De WW-uitkering bestaat in feite uit twee delen. De basisuitkering duurt drie maanden. De verlengde uitkering is afhankelijk van uw arbeidsverleden. In totaal kan de WW-uitkering maximaal 38 maanden duren.
Als u snel wilt berekenen hoe lang uw WW-uitkering maximaal duurt, dan kunt u ook gebruik maken van deze rekenmodule.
Basisuitkering
Als u voldoet aan de zogenaamde wekeneis, dan heeft u in elk geval recht op de basisuitkering gedurende drie maanden. De wekeneis houdt in dat u in de afgelopen 36 weken minimaal 26 weken gewerkt moet hebben.
Als u niet voldoet aan de wekeneis, dan heeft u geen recht op WW. U komt dan mogelijk in aanmerking voor een bijstandsuitkering.
Jareneis
Als u naast de wekeneis ook voldoet aan de zogenaamde jareneis, dan heeft u recht op een verlengde WW-uitkering. Deze jareneis staat ook wel bekend als de 4-uit-5-jaren eis.
Het gaat er bij deze eis om dat u in de vijf jaar voorafgaand aan het jaar van uw werkloosheid, gedurende minimaal vier jaren tenminste over 52 dagen loon moet hebben ontvangen.
In bepaalde gevallen tellen ook (delen van) jaren mee waarbij u geen loon heeft ontvangen, maar u wel voor jonge kinderen zorgde. Ook tellen soms jaren van arbeidsongeschiktheid mee.
Arbeidsverleden
Als u voldoet aan de jareneis, dan is uw maximale WW-uitkering in maanden gelijk aan uw arbeidsverleden in jaren. Dus als uw arbeidsverleden 10 jaar bedraagt, dan heeft u recht op een WW-uitkering van maximaal 10 maanden.
Voor de WW geldt een bijzondere definitie van het begrip ‘arbeidsverleden'. Uw totale arbeidsverleden voor de WW is een optelsom van uw ‘fictieve arbeidsverleden' en uw ‘feitelijke arbeidsverleden'.
Uw fictieve arbeidsverleden bestaat uit de periode vanaf het jaar dat u de 18-jarige leeftijd bereikte tot aan 1998. Om uw fictieve arbeidsverleden te berekenen kunt u gebruik maken van de volgende formule:
Fictief arbeidsverleden = 1998 - [uw geboortejaar] - 18.
Uw feitelijke arbeidsverleden is gelijk aan het aantal jaren dat u vanaf 1 januari 1998 gewerkt heeft tot en met het jaar voorafgaand aan het jaar van uw ontslag. Elk jaar waarin u minimaal 52 dagen loon ontvangen heeft, telt mee.
De optelsom van uw fictieve arbeidsverleden en uw feitelijke arbeidsverleden is uw totale arbeidsverleden. De lengte van dit totale arbeidsverleden in jaren is gelijk aan uw WW-uitkering in maanden.
Een voorbeeld.
Mark Witte is geboren in 1976. Hij wordt ontslagen in 2010. Hij heeft vanaf 1997 onafgebroken bij een werkgever gewerkt.
Mark voldoet aan de wekeneis. Ook voldoet hij aan de jareneis. Zijn arbeidsverleden bestaat uit een fictief en een feitelijk deel. Zij fictieve arbeidsverleden = 1998 - 1976 - 18 = 4 jaar. Zijn feitelijke arbeidsverleden is 12 jaar, namelijk de jaren 1998 tot en met 2009. Het totale arbeidsverleden van Mark bedraagt dus 4 + 12 = 16 jaar. Zijn maximale WW-uitkering is dus 16 maanden.